Jules Verne werd op 8 februari 1828 geboren in Nantes, de havenstad waar de Loire in zee uitmondt. Zijn vader, Pierre Verne, was advocaat; de familie van zijn moeder, Sophie Allotte de la Fuÿe, stamde af van reders en zeelieden. Hij was de oudste van vijf kinderen. Zijn jeugd speelde zich af op de kaden, tussen schepen die werden gelost; in 1847 stuurde zijn vader hem naar Parijs om rechten te studeren. Zijn rechtendiploma haalde hij in 1851, maar het theater hield hem werkelijk bezig; zijn eerste toneelstuk werd in 1850 opgevoerd. Een tijdlang was hij secretaris van het Théâtre Lyrique en besteedde hij zijn vrije uren aan wetenschappelijke lectuur in de Nationale Bibliotheek. In 1857 trouwde hij met de weduwe Honorine Morel; hij verdiende de kost als makelaar op de beurs en hield de vroege ochtenduren vrij om te schrijven. Zijn eerste verhalen, waaronder Meester Zacharius, verschenen in die jaren. De ontmoeting met uitgever Pierre-Jules Hetzel in 1862 veranderde alles. Vijf weken in een luchtballon kreeg in 1863 veel weerklank, en het getekende contract opende de Buitengewone reizen, een reeks die hem zijn leven lang bijbleef. Van de aarde naar de maan, Rondom de maan en Het experiment van dokter Ox komen uit die werkwijze voort. In 1886 raakte hij gewond aan zijn been door een schot van zijn neef Gaston; diezelfde maand verloor hij Hetzel, en de boeken daarna werden merkbaar donkerder. Hij bouwt zijn verhalen op uit kaarten, berekeningen en technische details; juist die nauwkeurigheid maakt het buitengewone geloofwaardig. Hij geldt als een van de grondleggers van de sciencefiction. Zijn laatste jaren bracht hij door in Amiens, waar hij lang in de gemeenteraad zat, en op 24 maart 1905 stierf hij aan complicaties van suikerziekte. Sommige teksten, zoals De gouden vulkaan, verschenen pas na zijn dood, bezorgd door zijn zoon Michel.
19e-eeuws Frankrijk, laat-victoriaans tijdperk, bakkebaarden, formeel pak met hoge kraag, oudere heer met een wereldbol of kaart vast.